Balansbenadering biedt breed perspectief

Vaak worden de mogelijke effecten van landbouwkundige maatregelen op de bodemkwaliteit beschouwd vanuit de optiek van één invalshoek, bijvoorbeeld of organische stof, of stikstof of fosfaat. In de praktijk kan het gaan om een win-win tussen deze factoren, maar dat is niet altijd het geval. Een verbetering in bijvoorbeeld de organische stofbalans kan leiden tot een tekort in de P-bemesting op langere termijn. Het geeft nieuwe inzichten als we dit samenspel juist voorop zetten. Een studie van de PPS beter Bodembeheer laat voorbeelden zien die relevant zijn voor zowel landbouw als klimaat.

In het kader van de PPS Beter Bodembeheer hebben WUR Open Teelten en het Louis Bolk Instituut een studie gemaakt van de organische stof-, stikstof- en fosfaatbalansen voor een selectie van landbouwkundige maatregelen. De studie betrof modelberekeningen van OS-, N- en P-balansen in akkerbouwmatige teeltsystemen, waarbij een vergelijking is gemaakt van landbouwkundige maatregelen om de bodemkwaliteit te verbeteren. Bij de interpretatie is gekeken naar de onderlinge samenhang van de balansen, met name of er sprake is van win-win of juist afwenteling tussen maatregelen. De maatregelen die zijn doorgerekend hebben betrekking op de organische stof toestand van de bodem, wat betreft de aanvoer van organische stof (compost, maaimeststoffen) en/of de bodembewerking (niet-kerend vs. ploegen). Naast de afzonderlijke maatregelen zijn enkele combinaties van maatregelen doorgerekend. De berekeningen zijn gemaakt met het rekenmodel NDICEA en verschillende teeltscenario’s, op basis van gegevens van de lange termijn systeemproeven BASIS (zavelgrond), Bodemkwaliteit Valthermond (BKV, dalgrond), Bodemkwaliteit op Zand (BKZ) en Planty Organic (kleigrond).

De manier van berekenen doet er toe

Bij de evaluatie van organische stof maatregelen wat betreft hun effect op de stikstofbalans bleek dat de wijze van berekening er zeer toe doet. Bij een klassieke berekening van de N-efficiëntie van bijvoorbeeld compost zou deze sterk dalen, omdat de achterblijvende N in de bodem als verliespost wordt meegerekend. Maar als je deze N ziet als een vorm van opbouw van bodemkwaliteit, dan ontstaat een heel ander (positiever) beeld van het gebruik van compost. Dit voorbeeld laat zien dat de gelijktijdige evaluatie van OS- en N-balansen een ander licht kan werpen op selectie van maatregelen. Organisch stof maatregelen uit het klimaatonderzoek kunnen ook een positieve bijdrage leveren aan de landbouw (win-win). Dit is echter niet automatisch het geval. Voor de win-win moest worden gezocht naar combinaties van maatregelen. De resultaten uit de systeemproeven lieten zien dat het gaat om de balans tussen interne en externe aanvoer van organische stof. Bij te veel focus op alleen de interne maatregelen dreigden hoge kosten en op lange termijn een achteruitgang van bodemvruchtbaarheid. Maar bij te veel focus op externe maatregelen dreigden verliezen van N en P en onevenwichtige ophoping van enkele andere nutriënten. Het onderzoeksrapport eindigt met conclusies wat betreft mogelijke maatregelen en aanbevelingen hoe de integratie van OS-, N- en P-balansen verder kan worden opgepakt.

Hele studie lezen

De hele studie is beschikbaar via deze link.

Animatie met Boer Erik

In onderstaande animatie geeft boer Erik 6 praktijkadviezen om de organische stoftoestand van je bodem te verbeteren. Met deze nieuwe inzichten kun je als boer optimale keuzes maken voor een bemestingsplan dat zicht richt op opbrengst en bodemkwaliteit binnen milieunormen.